Hoe vaak komt detransitie voor?
Redactie Eerlijkovergender.nl · 31 oktober 2026 · Spijt en welzijn
Het korte antwoord
Onbekend
Hoe vaak detransitie voorkomt is niet bekend. Er is geen Nederlands onderzoek naar het aantal mensen dat in detransitie gaat. Enquêtes laten wel zien waarom mensen stoppen en dat een groot deel dat niet meldt bij de kliniek die hen behandelde.
Wat we weten
- Detransitie komt voor; de redenen lopen uiteen.
- In één enquête meldde 24 procent het bij de eigen kliniek.
- Stoppen, spijt en detransitie zijn aparte begrippen.
Wat we niet weten
- Hoe vaak detransitie voorkomt.
- Wat de zorgbehoeften van deze groep precies zijn.
- Hoe het in Nederland gaat: onderzoek ontbreekt.

Wat is detransitie?
De Gezondheidsraad gebruikt de term voor handelingen om de effecten van medische transitie terug te draaien, bijvoorbeeld een operatie. Stoppen met behandeling, detransitie en spijt kunnen samengaan, maar zijn volgens de raad aparte begrippen. Niet iedereen die spijt heeft, stopt, en niet iedereen die stopt, heeft spijt (bron).
Wat je vaak hoort
In het debat wordt detransitie vaak stellig beschreven, als zeldzaam of juist als veelvoorkomend. Voor beide ontbreken de cijfers.
Wat we weten
Littman ondervroeg in 2021 honderd mensen die na een medische transitie waren gestopt. Hun redenen liepen uiteen (bron):
- 60 procent voelde zich meer op het gemak met het geboortegeslacht;
- 49 procent maakte zich zorgen over medische complicaties;
- 38 procent kwam tot de overtuiging dat de genderdysforie een specifieke oorzaak had, zoals een trauma of een psychisch probleem;
- 23 procent noemde discriminatie als reden;
- 23 procent noemde homofobie of moeite met het accepteren van zichzelf als lesbisch, homo of biseksueel.
55 procent vond dat er vooraf geen goede beoordeling was geweest, en slechts 24 procent had de detransitie gemeld bij de eigen arts of kliniek (bron). Vandenbussche vond onder 237 detransitioners een groot gebrek aan steun en veel negatieve ervaringen, met de medische en psychische zorg en met de lhbti-gemeenschap (bron).
Ook de Cass Review noemt als probleem dat mensen die detransitioneren er soms voor kiezen niet terug te gaan naar de genderkliniek, zodat ze uit de gegevens verdwijnen. Clinici uit de volwassenenzorg vertelden de Review dat de tijd tot detransitie uiteenloopt van vijf tot tien jaar (bron).
Wat we niet weten
De Gezondheidsraad is daarover duidelijk: "De commissie signaleert dat er geen Nederlands onderzoek beschikbaar is naar het aantal personen dat in detransitie gaat en wat hun ervaringen zijn." Ook ontbreekt onderzoek naar de zorgbehoeften van mensen met spijt of een detransitiewens. De raad beveelt aan zulk onderzoek te doen en in de Kwaliteitsstandaard op te nemen hoe de zorg voor deze groep eruitziet (bron).
Het sterkste argument van de andere kant
De studies van Littman en Vandenbussche zijn online enquêtes. Littman wierf via sociale media, mailinglijsten en via andere deelnemers, Vandenbussche in online gemeenschappen van detransitioners. Ze laten zien dat deze groep bestaat en wat zij meemaakt, niet hoe groot zij is. Littman schrijft zelf dat meer onderzoek nodig is om vast te stellen hoe vaak detransitie voorkomt (bron). De Gezondheidsraad noemt ook de zorg dat cijfers over spijt en detransitie gebruikt worden om de toegang tot zorg te beperken (bron).
Het eerlijke antwoord
Detransitie komt voor, de omvang is onbekend en de zorg voor deze groep is nauwelijks ingericht. Dat klinieken het weinig zien, bewijst niet dat het weinig gebeurt. Dat er verhalen zijn, bewijst niet dat het vaak gebeurt. Wie hier eerlijk over wil zijn, zegt allebei. Over de cijfers lees je meer in Hoeveel mensen hebben spijt van hun transitie?
Verder lezen
- Meer lees je op transspijt.nl: verhalen en achtergronden over spijt en detransitie.
Bronnen
- Gezondheidsraad (2026). Transgenderzorg voor jongeren, advies nr. 2026/12
- Littman (2021). A Survey of 100 Detransitioners, Archives of Sexual Behavior
- Vandenbussche (2022). Detransition-Related Needs and Support, Journal of Homosexuality
- Cass, H. (2024). Independent review of gender identity services for children and young people: Final report
Dit is informatie en geen medisch advies. Bij elke bewering staat de bron, zodat je alles zelf kunt nalezen. Fout gezien? Mail [email protected].
Veelgestelde vragen over dit onderwerp
Andere vragen over Spijt en welzijn

Voorkomt transgenderzorg zelfdoding?
Jongeren melden na behandeling minder suïcidale gedachten, maar het bewijs is zwak. Voor zelfdoding zelf is geen effect van behandeling aangetoond, in geen enkele richting.
Spijt en welzijn

Hoeveel mensen hebben spijt van hun transitie?
Het getal 1 procent staat echt in onderzoek, maar telt iets anders dan veel mensen denken. Het eerlijke antwoord is dat de omvang van spijt niet bekend is.
Spijt en welzijn